Ulrich Oron

May 9

Weblogs nieuwe stijl op onze website

geplaatst om 12:58 in categorie Algemeen

Waarde lezer,

Per 1 januari 2017 hebben wij onze weblogs geïntegreerd in onze website. Daardoor kunnen we de blogs beter laten aansluiten bij de profielen van onze consultants en bij de actualiteit.

Nieuwe blogs verschijnen op www.c3am.nl. Klik op deze link om naar de nieuwste blogs te gaan en op deze link om naar de actualiteiten te gaan.

De blogsite c3log.nl blijft nog tot juli 2017 in de lucht. Daarna wordt de lezer automatisch doorgeleid naar de nieuwe locatie van de blogs. De bestaande blogs worden naar de nieuwe locatie overgezet.

We hopen dat u ons blijft volgen en wensen u veel leesplezier.

Met vriendelijke groet,
C3 adviseurs en managers

Geen reacties » | Permanente link

Nov 24

Toekomstperspectief voor de zorg, een somber scenario?

geplaatst om 16:10 in categorie Algemeen

2074, het is alweer twee jaar geleden dat ik mijn honderdste verjaardag vierde. Ik ben onderweg naar het ziekenhuis. Periodieke integrale controle. Mijn autonome voertuig brengt mij naar een van de tien landelijke ziekenhuizen waarvan het zelf heeft gevonden dat daar de wachtrij het kortst is. Wachten is voor mij nog steeds een synoniem voor de zorg, al decennia lang weet ik niet beter. Ik onderga het maar weer, de DiagnostiRobot toont dit keer iets meer empathie, leuke upgrade.

Onderweg terug kiest mijn voertuig ervoor om via de binnenstad te rijden, 24 uur in beweging. Tussen de snelle lichtmetalen prefab-bouw staren leegstaande stenen panden mij met tandeloze ramen aan; vroeger zaten daar ook apotheken in, maar het vak waarvoor ik ooit zelf ook werd opgeleid is nu uitgestorven.

Ik weet dat mijn medische gegevens mij inhalen richting huisarts en zorgverzekeraar. De huisarts…, als ik het tref word ik tegenwoordig nog te woord gestaan door de huisarts in eigen persoon, de programmatuur van het interactieve huisartsenscherm vind ik vaak niet sympathiek.

Er komt een update binnen van mijn medische dossier, ik ben nog onderweg dus ik schuif hem naar heads-up display op de voorruit. Toch weer een paar infarctjes, laat ik volgende week wel naar kijken. Verder kennelijk alles in orde, mijn kunsthart en die ene kunstlong kunnen nog wel even mee. Ik overweeg om toch eens wat snellere zenuwbanen te laten implanteren, maar ja functionele lichaamsupgrades buiten ICD16 moet je natuurlijk zelf betalen.

Ah, ik ben thuis. Ik trek mijn exoskelet aan en stap uit. Noem me raar, maar ik heb toch nog steeds iets met zelf lopen. Mijn geliefde ziet me aankomen, ik loop op haar af en geef haar een kus. Achter haar staat onze verpleeghulp, een jonge meid, nog geen 70. Ze is van oorsprong Syrische. Ik zou niet weten hoe onze zorg (…en ICT, en bouw) eruit had gezien zonder al die extra menskracht van geïmmigreerde Syriërs zo’n zestig jaar geleden.

Dit is een van mijn toekomstprojecties van de zorg. Wordt de zorg echt zo somber en onpersoonlijk? Reageer maar op de punten waar u denkt dat ik er helemaal naast zit!

Geen reacties » | Permanente link

Sep 25

Silly

geplaatst om 16:41 in categorie Algemeen

Over deformatie in terminologie

Geïnspireerd door mijn zoontje ben ik onlangs zelf ook gestart in de cricketsport. Hoewel cricket wereldwijd de op een na meest beoefende sport is – op voetbal na dus – is het in Nederland juist een heel weinig beoefende sport. Mede als gevolg daarvan is cricket in Nederland hartelijk, vriendschappelijk, gezellig en gemêleerd door het internationale gezelschap dat het aantrekt. Aan de andere kant toch ook wel een beetje een in-crowd; velen zijn met cricket opgegroeid ofwel hier ofwel in het buitenland. Dat schept soms onverwachte verwachtingen.

cricket

Op een goede dag kwam ik op het cricketveld voor de training. Ik was net gestart, het was pas mijn derde training. Er was echter een seniorenwedstrijd gaande tegen een Brits team, en door een soort spraakverwarring bevond ik mij ineens in het veld en in de wedstrijd. Gelukkig was het een vriendschappelijke wedstrijd en de captain gaf aan dat ik me geen zorgen hoefde te maken. Hij zei dat ik het beste “third man” kon staan, “iets meer richting ‘fine leg’, in de lijn van de ‘slip’. Een duidelijker plaatsaanduiding kon bijna niet, nietwaar?

Terminologie die we al jaren gebruiken wordt gewoon voor ons. In zowel het organisatie-advieswerk als in mijn meer technische opdrachten in de ziekenhuisbekostiging zie ik dit ook. Ik doe mijn best om accuraat en taalvast te blijven als ik het heb over zorgproducten, zorgactiviteiten, zorgprofielen, kostprijzen, verkoopprijzen, tarieven en segmenten. Na die wedstrijd realiseerde ik me eens te meer dat ik in mijn werk ook wel eens te technisch zou kunnen zijn richting anderen. En het grote verschil met de cricket captain was dat hij met zijn vinger de plek nog kon aanwijzen terwijl ik dat in mijn werk toch echt met woorden voor elkaar moet zien te krijgen. Al met al weer iets om op te letten en te verbeteren. Het is belangrijk om duidelijk over te brengen wat je doet, en tegelijk blijf ik graag dicht bij de technische materie. In het cricket bestaat daar een leuke term voor; een veldspeler die heel dichtbij de slagman van de tegenpartij staat – dus dichtbij de actie, staat “Silly”.

Geen reacties » | Permanente link

Sep 15

De hoofdstad van Denemarken

geplaatst om 07:40 in categorie Algemeen

Over prijstransparantie voor dure geneesmiddelen

Minister Schippers wil dat de farmaceutische industrie meer inzicht geeft in de kosten van dure medicijnen, omdat die een steeds groter deel van de zorgkosten opslokken. Die oproep deed minister Edith Schippers van Volksgezondheid in het Chinese Dalian waar ze de zomereditie van het World Economic Forum bijwoonde.

Hoewel ik het niet geheel oneens ben met de oproep tot meer transparantie, bekruipt mij bij deze oproep een merkwaardig gevoel van een verschil in grootte-orde. Een minister uit een land met 17 miljoen inwoners doet vanuit een land met 1,4 miljard inwoners (bijna 85x zo groot) een verzoek aan een markt voor een populatie van 7,4 miljard mensen (bijna 450x zo groot).

Ik ben helemaal voor ambitie. Maar ook voor realisme. Ik ben er trots op hoe Nederland op sommige punten voorop loopt in de wereld; in de zorg heeft Nederland vooral op het gebied van onderzoek en kennis een goede staat van dienst. Maar op economische schaal blijven we nu eenmaal klein. Bij het bovenstaande bericht schoot mij daarom een vraag te binnen die ik ooit van een Amerikaan kreeg toen ik zei dat ik uit Nederland kwam: “the Netherlands…, isn’t that the capital of Denmark?”.

NL capital Denmark blog 3_2015

Geen reacties » | Permanente link

May 22

Wat is een QALY?

geplaatst om 15:38 in categorie Algemeen

Feb 6

Zorggelden | Geldzorgen deel 2; cure sector

geplaatst om 16:03 in categorie Algemeen

We duwen en trekken aan de geldzak van de zorg alsof het een slecht kussen is waarop we willen slapen. Dit gebeurt zowel in de care sector als in de cure sector. In de vorige blog besprak ik de care sector, in deze blog bespreek ik graag de cure sector.

Het budgettair kader zorg (BKZ) wordt strak bewaakt. Althans zo lijkt het. Rondom Prinsjesdag en bij het vaststellen van de Rijksbegroting wordt er naarstig gekeken naar wat het groeipercentage van de zorg zal zijn. De begroting lijkt soms belangrijker dan de realisatie. Tussen 2003 en 2011 zijn de zorguitgaven namelijk geen enkele keer binnen het BKZ gebleven. In 2012 wel, maar volgens mij zat daar vooral in de cure sector een behoorlijke financiële prikkel achter, namelijk de ‘transitiebekostiging’ die gepaard ging met de overgang naar de nieuwe DBC-systematiek in ziekenhuizen. Omdat dat een lang verhaal is, maar een aparte blog daarover achterhaald zou zijn, geef ik u hier de korte versie. Vanuit algemene beginselen van behoorlijk bestuur moest het Ministerie van VWS en vangnet optuigen voor de transitie naar een nieuwe ziekenhuisbekostiging, DBC/DOT. Na het falen van de eerste versie van de DBC werd er een nieuwe systematiek ingevoerd onder het acroniem DOT: ‘DBC’s op weg naar transparantie’. Op zich een goed initiatief gezien de transparantie van het oude DBC-systeem, maar over het huidige DOT-systeem zou een Amerikaan nog steeds concluderen: “clear as mudd”. De transitiebekostiging voorzag in een eenmalige vergelijking van het ziekenhuisresultaat onder de nieuwe prestatiebekostiging (DBC/DOT) en de voormalige functiegerichte budgettering (FB). Omzettekorten in 2012 werden goedgemaakt en meteen vastgesteld voor 2013. Omzetgroei in 2012 ten opzichte van het ‘schaduwbudget’ zouden leiden tot terugstortingen in het zorgverzekeringsfonds en meteen een vaststelling van het te betalen bedrag in 2013. Dus: er was veel voorzichtigheid in 2012. We bleven binnen budget, in ieder geval in de tweedelijnszorg.

Ook het risicovereveningssysteem leidde in de afgelopen jaren tot vreemde prikkels, en nu nog steeds een beetje. Om onze solidariteit te borgen – en dat is een groot goed! – zorgt het risicovereveningssysteem ervoor dat de risico’s van zorgverzekeraars worden genivelleerd om de neiging tot risicoselectie tegen te gaan. Deze risicoverevening heeft een deel dat vooraf wordt vastgesteld, de ‘ex-ante’ verevening. Op basis van populatiekenmerken wordt het bedrag vastgesteld dat een zorgverzekeraar krijgt. Hogere risico’s (leeftijd, diagnosekostengroepen, farmaciekostengroepen, sociaal-economische status etc.) leiden tot hogere bedragen. De ‘ex-post’ verevening nivelleerde kort gezegd risico’s die naderhand vastgesteld konden worden, zoals bijvoorbeeld vaste kosten in de tweede lijn. Dit laatste was een van de meest perverse prikkels ooit, omdat de risicoverevening ervoor zorgde dat intramurale tweedelijnszorg minder financieel risico met zich meebracht voor de zorgverzekeraar. Terwijl aangenomen mag worden dat eerstelijnszorg lagere kosten met zich meebrengen. Ik heb voorbeelden gezien waarin eerstelijnsinterventies vanuit zorgverzekeraars niet meer de voorkeur verdienden boven tweedelijnsinterventies en werden uitgesloten van vergoeding. De ex-post verevening is nagenoeg uitgefaseerd waarmee hopelijk weer wat van deze perverse prikkels verdwijnen.

 

 

 

Geen reacties » | Permanente link

Jan 6

Zorggelden | Geldzorgen Deel 1: care sector

geplaatst om 08:42 in categorie Algemeen

We duwen en trekken aan de geldzak van de zorg alsof het een slecht kussen is waarop we willen slapen. Dit gebeurt zowel in de care sector als in de cure sector. In deze blog bespreek ik graag de care sector.

wakker_kussen_op_ogen_507x338

De AWBZ groeide ons boven het hoofd en wordt ‘herverkaveld’. Langdurige zorg wordt onder de AWBZ nu nog betaald uit het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten (AFBZ). De belangrijkste bron van inkomsten voor het AFBZ is de AWBZ-premie, door Belastingdienst geïnd via de 1e en 2e belastingschijf. Daarnaast ontvangt het AFBZ een rijksbijdrage (de zogenaamde ‘BIKK’) als compensatie voor belastingstelselherziening in 2001 en worden eigen bijdragen – afhankelijk van inkomen en vermogen – geïnd door het CAK.

De afgelopen 7 jaar zijn de AWBZ uitgaven groter geweest dan de inkomsten in het AFBZ. Daardoor is er een jaarlijks exploitatietekort, dat door de overheid wordt aangevuld uit de schatkist. In ruil daarvoor betaalt het AFBZ rente aan de overheid. De opeenvolgende exploitatietekorten van de afgelopen jaren hebben inmiddels geleid tot een negatief vermogen in het AFBZ van circa € 20 miljard. Dit negatief vermogen maakt onderdeel uit van onze EMU-schuld. Dat ziet er dus niet best uit in het Europese politieke plaatje.

Een deel van de langdurige zorg wordt nu overgeheveld van AWBZ naar de WMO (gemeenten) en naar de Zorgverzekeringswet (Zvw). De langdurige zorg voor meest kwetsbare groepen wordt onderdeel van de Wet langdurige zorg (Wlz).

Deze overhevelingen hebben een gunstig effect op het EMU-saldo. Hoera, probleem opgelost!

O nee wacht even, de overheveling van zorg naar de WMO c.q. gemeenten leidt tot hogere gemeentelijke uitgaven. Deze hogere uitgaven worden gefinancierd door een hogere rijksbijdrage aan het Gemeentefonds. De hogere rijksbijdrage wordt op haar beurt betaald door de loonbelastingtarieven in de 1e en de 2e schijf te verhogen, anders zou de hogere rijksbijdrage weer ten laste komen van het EMU-saldo en daar ging het nu juist om. Deze hogere loonbelastingtarieven komen in plaats van de (hopelijk) lagere Wlz-premie. Probleem opgelost!

O nee wacht even, door de overheveling naar de Zvw stijgt de premie die de verzekerde betaalt aan de zorgverzekeraar. Nou ja, het zij zo. We hebben net de bovenstaande problemen al opgelost dus men moet maar niet zeuren. De verzekerde en de patiënt worden hier beter van, toch?

 

 

Geen reacties » | Permanente link

Nov 25

Existentie, extinctie

geplaatst om 15:27 in categorie Algemeen

Niet lang geleden sprak ik een specialist, een oogarts. Ik was uitgenodigd als gastspreker (waar ik regelmatig en graag op inga) over het onderwerp ziekenhuisbekostiging en declaraties van zorgproducten en specifieke ‘add-ons’. We stonden even koffie te drinken voorafgaand aan de bijeenkomst, en zij herkende mij als spreker op een eerder symposium dat niet lang daarvoor had plaatsgehad.

We raakten aan de praat en kennelijk waardeerde ze mijn interesse in de weerbarstige materie van de DBC-systematiek in ziekenhuizen. Zelf vond zij de materie weliswaar interessant maar in haar ervaring zat de financiering haar in de weg bij het uitvoeren van haar vak als oogarts. Ik kon daar wel inkomen, wetende dat de behandelkosten (en opbrengsten) in ziekenhuizen soms zeer bepalend kunnen zijn voor het beschikbare behandelarsenaal dat een specialist tot zijn/haar beschikking heeft.
Ze ging een stapje verder door mij te vertellen dat haar dochter onlangs aangaf dat ze ook geneeskunde wilde studeren, en dat zij haar dochter toen stellig had afgeraden om dat te doen. De geneeskunde had niets meer te maken met het behandelen van patiënten, het was een omgeving geworden waarin je medische keuzes als arts werden ingeperkt door financiële overwegingen. Ook in die gedachte kon ik me op dat moment wel inleven.

Pas later realiseerde ik mij hoe tekenend die opmerking eigenlijk was voor wat er gebeurt in de zorg. Ik houd mij veelal bezig met de financiële kant van de zorg, maar ik heb toch wel graag dat onze artsen en specialisten als zorgverlener kunnen handelen en de zorg kunnen leveren die hen op basis van hun medische kennis het beste lijkt. Daarnaast realiseerde ik mij iets anders. Mijn vrouw komt uit een artsenfamilie, waar opa’s artsen waren, ooms, vervolgens neven en tantes en daarna zoons en dochters (mijn vrouw niet overigens). De medische nostalgie is altijd aanwezig, kinderen groeiden op rond de artsenpraktijk en kennelijk werd daar vaak het zaadje geplant voor de interesse in de geneeskunde. Je bestaansrecht als arts geworteld in je familie? Ik weet dat ik nu overdrijf, niet iedere arts komt voort uit een artsenfamilie – mijn eigen broer is daar meteen al een voorbeeld van. Toch kan ik het doemscenario niet van mij afschudden; het uitsterven van de arts!
Maar ja, wat kan ík eraan doen? Ik kan me inzetten om de financiering voor artsen en specialisten helder te krijgen of houden, zodat zij zich kunnen richten op zorg verlenen. Ga ik zeker doen.

Eens kijken wie ik volgende week bij de koffie tegenkom. Gewapend met een ander antwoord.

Geen reacties » | Permanente link

Oct 16

Waterbed van premies

geplaatst om 15:30 in categorie Algemeen

Ik wens het niemand toe. Gisteren kwam mijn zoontje (10 jaar) met zijn fiets onderweg naar school onder een bestelwagen die achteruitreed. De bestuurder had hem niet gezien. Mijn echtgenote kon met kordate actie verder trauma voorkomen. Ik was er zelf niet bij, maar vond het – na de vreselijke schrik – wel hartverwarmend om te horen over de hulpvaardigheid van de mensen in de buurt. De geschrokken bestuurder hielp onmiddellijk, een verpleegkundige bood haar hulp aan, studenten kwamen zelfs met koffie aan en hielden bij de beginnende regen een paraplu boven het hoofd van mijn zoontje en vrouw. Betrokkenheid.

Maar goed, de hulpdiensten waren ook ingeschakeld, politie en ambulance waren zeer snel ter plekke. Wonderwel constateerden de ambulancebroeders dat mijn zoontje alleen een gekneusde knie had. Hij hoefde niet mee naar het ziekenhuis, maar een huisartsbezoek leek verstandig. Die constateerde hetzelfde, met mijn zoontje gaat het inmiddels weer beter.

Die avond zei mijn echtgenote als grapje: “Zo, die zorgpremie hebben we er ook weer bijna uit”. Werkzaam voor de zorg, heb je wel een globale indruk van de zorgkosten van deze gebeurtenis. Afgelopen jaren heb ik vaak moeten constateren dat mensen dat eigenlijk niet zo goed weten. Enerzijds hoeveel premie ze betalen, anderzijds wat zorg nu kost. Dat neem ik overigens niemand kwalijk. Pogingen om dit voor ziekenhuiszorg via DBC-facturen ‘inzichtelijk’ te maken faalden jammerlijk. Die zijn immers gebaseerd op gemiddelde profielen. Geneesmiddelkosten op het etiket hadden ook niet veel effect. Niettemin moeten we blijven proberen het kostenbewustzijn in de zorg te vergroten. Zowel voor de zorgkosten als voor de premies.

Toch zal straks menigeen verbaasd zijn over een stijging van de zorgpremie en dan bedoel ik de Zvw premie aan de zorgverzekeraar. “Hoe kan dat? Die ging toch de afgelopen jaren gestaag omlaag?”, werd mij bij de eerste berichten daarover al gevraagd.

Door de herverkaveling van de AWBZ over de WLZ, WMO en Zvw, komt er meer onder de Zvw te vallen (o.a. wijkverpleging en persoonlijke verzorging). En dus stijgt de premie. Logisch als je er even bij stilstaat; een herverkaveling maakt het geheel niet kleiner (een stuk grond immers ook niet). Als we het waterbed van premies aan de ene kant indrukken, gaat het aan de andere kant omhoog. De totale zorgvraag in het waterbed zal niet dalen, wellicht kunnen we iets aan de prijs van het water doen. Er lijken meer politieke dan zorginhoudelijke motieven te zijn om op de ene kant van het waterbed te willen drukken (ons EMU-saldo verbetert met de herverkaveling). Maar of de ‘slaapkwaliteit’ toeneemt valt te betwijfelen.

Zelf heb ik in ieder geval geen waterbed, ik zou er hoorndol van worden.

Geen reacties » | Permanente link

Oct 13

Even voorstellen

geplaatst om 16:18 in categorie Algemeen

Voordat straks zomaar een eerste blog uit de lucht komt vallen, wil ik mij hier graag even voorstellen als nieuwe C3-er. Anders dan een uiteenzetting van wat ik zoal gedaan heb, geef ik u graag inzicht in mijn beweegredenen daarachter. Dat leest weer eens even wat anders hoop ik.

Complexiteit

Van achtergrond ben ik apotheker. Ik had nooit de intentie om openbaar apotheker te worden. De brede scope van de studie farmacie sprak mij echter aan, de raakvlakken tussen zorg en chemie, tussen analyse en bedrijfsvoering. De zorg trok mij aan, niet zozeer individuele patiëntenzorg, maar vooral het macro-niveau en de complexiteit.

Zorg

Die complexiteit is nog steeds wat mij aan de zorg fascineert. De Nederlandse zorg, hoe die is georganiseerd en gefinancierd; ik verdiep mij daar graag in. Aan de ene kant mogen we trots zijn op onze zorg, aan de andere kant mogen we terecht kritisch zijn op wat er gebeurt. Kosteneffectiviteit en doelmatigheid is daarbij mijn eigen interessegebied. Hoe kunnen we de gezondheidswinsten kwantificeren die wij uit verschillende zorginterventies halen? En die afzetten tegen de kosten? De term QALY resoneert steeds meer, ook hier in Nederland. Moeten we als maatschappij grenzen stellen aan wat wij willen betalen voor een bepaalde hoeveelheid gezondheidswinst? Of moeten we dat niet willen? Dit houd mij bezig en veel van mijn werk in de afgelopen tien jaar heeft hiermee te maken gehad. Vooral op de echte innovaties die ik heb geholpen beschikbaar te krijgen voor patiënten, kijk ik met voldoening terug.

Leren, willen weten en kennis delen

Toen ik werkzaam was in het bedrijfsleven begon ik mij af te vragen hoe mijn werkzaamheden en inspanningen, zich nu verhielden tot de hele organisatie. Ik besloot een MBA opleiding te gaan doen. Ik kijk ook daar nog steeds met plezier en tevredenheid op terug. Het boeide mij, ik ontwikkelde een andere kijk op zaken. Weer enige tijd later kwam ik steeds vaker tot de conclusie dat in de maatschappij, dus ook in de zorg, al ons handelen een juridische basis heeft. Ook dit wekte mijn interesse, en ik besloot aan een bachelor opleiding rechten te gaan volgen, ik wilde deze invalshoek ook kennen. Ook hiervan heb ik zeker geen spijt.

In de afgelopen jaren heb ik talrijke opleidingen mogen verzorgen aan zorgverleners, studenten en zorgverzekeraars, over zorgfinanciering en gezondheidseconomie. Het op deze manier delen van kennis doet mij goed, ik wil niets ‘bij mij houden’. Ook houdt het mij scherp op de inhoud, elke keer zorg ik dat ik de laatste inzichten heb.

Bij C3

Na enige tijd als zelfstandig adviseur veelal werkzaam geweest te zijn voor leveranciers in de zorg, wil ik mijn aandacht ook richten op de zorgverleners en de instellingen waarin zij opereren. Bij C3 zie ik die mogelijkheid, het is brengen en halen; nieuwe kennis en ervaring opdoen en bestaande kennis en ervaringen inbrengen.

 

 

 

Geen reacties » | Permanente link

Wilt u deze berichten via de email?


Zoeken